Dit nieuwsbericht is 2 jaren 2 maanden 20 dagen oud. Het kan daarom gebeuren dat de informatie niet meer helemaal actueel is.
CANARIAS – (Hans Camps) De Commissie die belast is met het bestuderen van de regelgeving komt deze week in Las Palmas de Gran Canaria bijeen met vertegenwoordigers van de Regionale Regering en met die van de Spaanse Regering.
De Regionale Regering scoort een punt in de strijd wat men noemt “flexibilisering” van de Ley de Costas (Kustwet). De bijeenkomst van de Commissie Canarias-Spaanse Staat, die op woensdag 2 maart 2011 zal plaatsvinden in Las Palmas de Gran Canaria, is een eerste stap in de richting van een akkoord, waarover men tot nu toe consequent heeft geweigerd te praten in Madrid.
Het doel van de bijeenkomst, waartoe beide partijen hebben verzocht en die uiteindelijk is toegezegd door Demarcatie van de Canarische Kusten, is, om per geval, huis voor huis, voortgang te boeken in de toepassing van de Ley de Costas (Kustwet)
De Commissie – welke is goedgekeurd tijdens de bilaterale bijeenkomst die in december 201 heeft plaatsgevonden tussen Rivero en Manuel Chavez – de derde vicepresident van Spanje – is enerzijds een duidelijk antwoord op de door Coalición Canaria gestelde eisen aan de PSOE, in ruil voor de stemmen van haar beide afgevaardigden in het Congres, om de Algemene Staatsbegroting goed te keuren en om de stabiliteit van de Regering Zapatero te garanderen tot aan het eind van het mandaat en, anderzijds, een nieuw voorbeeld van het beleid wat Madrid begint uit te voeren met een van de regelgevingen die men op internationaal vlak beschouwd als zijnde de meest vooruitstrevende in milieubeleid, maar waarbij het in Spanje, niet ontbreekt aan tegenstanders ervan.
Goedgekeurd in 1988, anticipeert de regelgeving zich aldus op de uitwerking van de klimaatverandering op het grondgebied. Zozeer zelfs, dat het Protocolo de Gestión Integrada (Protocol tot Algeheel Beheer) voor het Mediterrane kustgebied, ondertekend in 2008, basisconcepten bevat van de Spaanse wet die bepaalt, dat het verboden is, om te bouwen binnen 100 meter van de kustlijn. Dit wil zeggen, dat deze zaak de Spaanse Regering lijnrecht plaats tegenover de burgers met eigendom in het kustgebied en, uiteindelijk, tegenover de Autonome Deelstaten.
Op de Canarische Eilanden bevindt zich momenteel een duizendtal direct door de Kustwet getroffenen, die het bevel hebben ontvangen hun woningen te slopen, omdat deze buiten de rooilijn staan welke het openbare grondbezit van het private scheidt – 551 in de provincie Tenerife en 398 in de provincie Las Palmas.
Maar er is veel meer aan de hand – wiens eigendommen zijn gecatalogiseerd door het Agencia de Protección del Medio Urbano y Natural (Agentschap voor het Stedelijk- en Natuurlijk Milieu), omdat ze op openbaar terrein staan, binnen het gebied met recht van overpad, ter bescherming van de kust, mogen, overeenkomstig de wet, niet worden verbouwd (of gerenoveerd) als het woningen zijn en, niet worden bebouwd als het om grondstukken gaat.
Bij Wet van 1969 op de erfdienstbaarheidszone voor stedelijke gebieden was dit kustgedeelte vastgesteld op 20 meter breed vanaf de begrenzing, nu is dit 100 meter. De oorzaak: Men rekent niet alleen de ruimte van het strand vanaf de vloedlijn, maar ook het gebied wat beïnvloedt wordt door het ecosysteem. Iets wat vanuit juridisch standpunt bezien, onbegrijpelijk is zo merkt Antonio Oliva, “diep geraakt”, op. Oliva is de Canarische vertegenwoordiger van het Plataforma Nacional de Afectado por la Ley de Costas (Nationale Beweging van door de Kustwet Getroffenen),
De meningsverschillen welke Canarias en de Spaanse Staat hierover hebben, richten zich uitgerekend op het vaststellen van de grens tussen zee en land, maar, vooral, op de beschermde erfdienstbaarheid op die grondstukken waarvan de Canarische Regering van mening is, dat deze al het karakter van bouwgrond hadden, voordat de wet in werking is getreden. En dat is inclusief een groot aantal kernen met maritieme oorsprong, die op geen enkel eiland ontbreken, bijvoorbeeld: ‘El Golfo’ op Lanzarote; ‘Playa de Ojos de Garza’ op Gran Canaria; ‘Jacomar’ op Fuerteventura, ‘La Bombilla’ op La Palma en ‘Bajo la Cuesta’ op Tenerife.
Deze meningsverschillen hebben geleid tot de uitwerking en goedkeuring in de Regionale Kamer van een Canarische Kustwet – via de wijziging van de Leyes de Ordenación del Territorio de Canarias y de Espacios Naturales (Wet Ruimtelijke Ordening van Canarias en de Natuurgebieden) welke het Ministerie van Milieu in hoger beroep voor ongrondwettelijk heeft aangeklaagd, in de overtuiging, dat de Canarische Regering zich bevoegdheden heeft toegeëigend welke toebehoren aan de Regering van Spaanse Staat.
In elk geval, is Canarias niet de enige deelstaat geweest die geprobeerd heeft eenzijdig de wet te wijzigen. Dit heeft Galicië ook gedaan en, dat is eveneens in hoger beroep ingediend bij het Constitutionele Hof. Andere deelstaten hebben gekozen voor onderhandelen – In Baskenland is de PNV erin geslaagd de grenslijn te redden van een olieraffinaderij van Petronir op openbaar grondbezit, via de Wet Duurzam Economie- en Catalonië bereikte via CIU (Links Verenigd Catalonië) dat de Spaanse Senaat sind0073begin februari 2001 overweegt een wetsvoorstel in te dienen voor het geven van grien licht aan de zogenoemde bevaarbare steden.
Het is uiteindelijk een hele reeks van initiatieven die, zoals de vertegenwoordiger van het Plataforma de Afectados toegeeft, een eerste stap is naar de wijziging van de Kustwet.
“We zijn het erover eens, dat de kust moet worden beschermd, maar men moet een meer respectvolle manier toepassen, dan tot nu toe het geval is, waarbij men de rechten van de eigenaren moet respecteren die hun woningen al bezaten, voor de goedkeuring van de wet,” zo merkt Oliva op, die eigenaar is van een woning in Bajo la Cuesta (Candelaria, Tenerife) en die op openbaar grondgebied staat, “ondanks, dat de Gemeente al in 1987 deze grond heeft opgenomen in de subsidiaire regelgeving.”
De verdedigers van de Wet laten weten over het versoepelen van de kustbescherming: “Of we doen het nu, of er is geen weg terug meer. “Canarias is niet voorbereid op een verhoging van de zeespiegel en, we zien elk jaar, dat er meer stormen zijn.” De voormalige directeur-generaal Kustzaken José Fernández, herinnert eraan, dat de effecten van de klimaatverandering een zekere bedreiging vormen. “Nu een handreiking doen aan de overheid die het dichtst bij het grondgebied staat en dus het meest gevoelig is voor de druk van hun keuze, want dat is wat de Canarische Eilanden, Galicië en Andalusië doen, zou een verschrikkelijke vergissing zijn.” Hij merkt bovendien op, dat het zeker is, dat er veel benadeelden zijn door de kustlijnafbakening, maar, dat de bevoordeelden in de meerderheid zullen zijn. “Het gaat openbaar grondbezit worden en we beschermen het gebied voor iedereen.”
Toekomstvisie
Fernández, die zijn post beklede onder het bewind van de socialistische Cristina Narbona als Minister van Milieu, kritiseert, dat de Autonome Deelstaten weinig toekomstvisie hebben en nu de wet willen “versoepelen”, hij waarschuwt voor het gevaar deze beschermende erfdienstbaarheid in handen te leggen van Regeringen met getroffen gebieden.
“De wet is uiterst respectvol ten aanzien van deze gebieden, die voor 1988 waren opgenomen in deelplannen, zoals het moet zijn, vanwege hun stedelijke karakter. Het probleem is, d at in deelstaten zoals Galicië, Canarias en Andalusië alles nog gedaan moest worden, en dat dit daarom te bebouwen was. Toen men de wet begon toe te passen liep men tegen het probleem aan, dat niet meet behelst, dan, dat deze eigendommen op openbaar rondgebied staan en niet verbouwd mogen worden. Toestaan, dat deze Deelstaten woonwijken beheren, komt erop neer, dat waar nu een openbaar grondgebied is, over enkele jaren en sportpaviljoen zal staan in plaats van een groentetuin, of waar aar een huis staat met drie verdiepingen.” En wat, “als de veronderstelde woonwijk drie vrijstaande huizen betreft, waar er massaal twintig gebouwd zijn.”
Fernández merkt een tweede gevaar op: Het toestaan van verkoop in private enclaves op openbaar terrein roept ook eisen op bij diverse groeperingen. Er wordt onderzocht, of via de Ley de Navegación Marítima (Scheepvaartwet) de mogelijkheid bestaat, dat bijvoorbeeld hotel ‘Oliva Beach’, wat men heeft toegestaan nog 30 jaar door te gaan in de duinen van Corralejos, is overgedragen aan een tweede eigenaar en, de tijd voor de sloop van het gebouw weer terug is bij af. “Dit zou een voortvarende schoonmaak van de kust blokkeren.”






















