Spaanse jongeren gaan pas met bijna 30 jaar het huis uit

Spaanse jongeren gaan pas met 29 jaar het huis uit
Beeld: 123rf

Spaanse jongeren gaan pas met bijna 30 jaar het huis uit

Dit artikel is 10 maanden oud en kan dus niet meer actueel zijn.

MADRID – Volgens de gegevens van Eurostat verlaten jongeren in Spanje pas op late leeftijd het ouderlijk huis. Dat gebeurt op een gemiddelde leeftijd van 29,8 jaar wat 12,3 jaar later is dan in Zweden waar de jeugd op een leeftijd van 17,5 jaar reeds het ouderlijk nest verlaat. Spanje staat op de tiende plaats op de lijst van 27 EU-lidstaten waar de gemiddelde EU-leeftijd 26,4 jaar is.

80 procent van de Spaanse jongeren onder de 30 jaar woont nog steeds bij hun ouders in huis. Volgens de gegevens van Eurostat is de gemiddelde leeftijd waarop een Spaanse jongere het huis verlaat 29,8 jaar oud. Dat is beter dan de Italiaanse of Portugese jongeren maar nog steeds meer dan 3 jaar boven het Europese gemiddelde van 26,4 jaar oud. Nederlandse jongeren gaan op een gemiddelde leeftijd van 24,3 jaar het huis uit terwijl dat in België gemiddeld 25,5 jaar is.

Jongeren in Zweden verlaten het ouderlijk huis reeds op een leeftijd van 17,5 jaar gevolgd door de Luxemburgse jongeren met 19,8 jaar, Deense jongeren met 21,2 jaar, Finse jongeren met 22 jaar en Estlandse jongeren met 22,1 jaar. In zowel Duitsland is dat 23,8 jaar, in Frankrijk 24 en in Nederland verlaten de jongeren op een leeftijd van 24,3 jaar het ouderlijk huis.

Spaanse jongeren verlaten dus op een leeftijd van 29,8 jaar het ouderlijk huis maar het kan nog later zoals in Bulgarije met 29,9 jaar, Portugal met 30 jaar, Malta en Italië beiden met 30,2 jaar, Slowakije met 30,9 jaar, Servië met 31,2 jaar, Noord Macedonië met 32,1 jaar, Kroatië met 32,4 jaar en Montenegro met 33,3 jaar.

Reden?

De reden waarom veel Spaanse jongeren pas op late leeftijd het huis uit gaan is omdat ze geen financiële middelen hebben om zelfstandig te kunnen wonen. De huurprijzen en betaalcondities van appartementen zijn vaak zo extreem dat jongeren dit niet kunnen betalen.

Daarnaast is er nog steeds een hele grote groep jongeren die geen baan heeft, er zijn immers nog steeds meer dan 3 miljoen werklozen waaronder veel jongeren. Rond de 50 procent van de jongeren die zou kunnen werken heeft geen baan.

Hierdoor blijven jongeren vaker en langer thuis wonen omdat ze niet anders kunnen. Mocht een jonger iemand er wel in slagen om werk te hebben en zelfstandig te gaan wonen, dan is deze al snel 60 tot 70 procent van het maandsalaris kwijt aan de huur, als men al genoeg verdient natuurlijk.

Buiten financiële en werkproblemen zijn er ook nog culturele verschillen tussen Spanje en andere landen. Ook voor de crisisjaren en corona-crisis waren er veel jongeren die tot late leeftijd thuis bleven wonen. Vrouwen zijn sneller geneigd om op eigen benen te staan terwijl mannen het schijnbaar wel leuk vinden om nog thuis verwend te worden.